Keizersgracht Amsterdam, 15:26
Iedere keer als ik bij de World Press Photo Awards Days ben, raak ik geïnspireerd. Door mooie foto's, door boeiende verhalen. Dit jaar is geen uitzondering, althans in ieder geval niet de eerste dag. Hoe ze het ook bij WPP voor elkaar krijgen, het is ze weer gelukt: mooi weer en allemaal fotografen in een donker hol. Je zou het bijna weer dokatijd noemen. De Award Days bestaan voor het grootste deel uit series die de prijswinnende fotografen laten zien. De afgelopen jaren was het heel vaak "Dank dat ik hier mag zien. Dit zijn mijn foto's en ik hoop dat jullie het mooi vinden." Terwijl eigenlijk de verhalen achter de foto juist zo boeiend zijn. Die blijken dit jaar volop te horen. Of de organisatie dat geregeld heeft, weet ik niet, maar meer graag! Opvallend is wel hoe zenuwachtig de fotojournalisten dan zijn. Veel van hun zijn gewend aan het werken in extreme omstandigheden, maar een kort praatje houden voor collega's maakt hun nerveus. Zoals altijd zijn niet alle series even boeiend. Maar er zitten altijd wel juweeltjes tussen. Over de albino's, gefotografeerd door
Johan Bävman. Of de serie van
Jonathan Torgovnik over de vrouwen in Rwanda die kinderen hebben uit verkrachtingen. Een serie waarmee hij overigens niet de prijs bij WPP in de wacht sleepte. Het zijn bij deze twee series niet alleen de foto's die het werk doen, ook de presentatie doet haar werk. Multimedia is het nieuwe thema, met verhalen van de mensen op de foto. Tussen de presentaties door wordt de Sem Press lezing gehouden. En dan wordt het ineens erg druk. Dit jaar was de beurt aan Nan Goldin. Niet echt de eerste aan wie je zou denken bij fotojournalistiek. En zij gooide dan ook gelijk de knuppel in het hoenderhok. "Hoe heten die fotografen ook alweer die al die stammen fotograferen?" Met na een lange stilte: "journalisten, ja." Je kunt pas stammen fotograferen als je zelf deel uitmaakt van die stam, is haar mening. Haar foto's zijn dan ook stuk voor stuk persoonlijke werken. Ook al werkt ze in opdracht. Want dan raakt ze zo verweven met haar onderwerp, dat ze het meisje dat ze volgt eten geeft en zelfs voor haar een tatoeage betaalt. Dat levert dan weer een rechtszaak op voor de New York Times. Het maakt haar net uit dat het niet journalistiek is, ze is begaan met wat en wie ze fotografeert. Dat merk je aan alles als ze vertelt. Gebroken is haar stem, ze heeft veel meegemaakt. Haar bijna voltallige vriendenkring aan AIDS zien sterven en haar zus heeft zelfmoord gepleegd. De foto's zijn dan misschien technisch niet wat je noemt perfect. Ze hebben hun impact. Eerlijke foto's ook. Analoog geschoten. Ze kan niet anders. Sterker, ze verafschuwt digitale fotografie. Ze roept iedereen op de digitale camera's weg te gooien en weer op film te werken. En vooral ook stoppen met Photoshop. Leg vast wat je ziet en houd je daarbij. Ze chargeert uiteraard, de boodschap is duidelijk. Door te fotograferen kan ze de moeilijke tijden doorkomen.
En na Nan Goldin moeten dan weer fotografen hun werk laten zien. Net als de ochtend gebeurt het weer vol overtuiging. Met een Callie Shell die vol verve vertelt waarom het juist leuk is om backstage een presidentskandidaat die eigenlijk de underdog is te fotograferen. En waarom fotograferen in liften zo leuk is. De uitsmijter van de dag is
Anthony Suau met een serie over Amerika. Geen gewone serie, maar een duidelijke spiegel. Van een land zoals hij dat ziet en dat ziet er niet mooi uit. Morgen weer een dag. Hopelijk weer net zo inspirerend als vandaag.
Trefwoorden: fotojournalistiek, World_Press_Photo, Johan_Bavman, Jonathan_Torgovnik, Nan_Goldin, Callie_Shell, Anthony_Suau
Belichtingen voor deze afdruk worden voor plaatsing eerst gecontroleerd.